Sinds 2026 kunnen bedrijven en particulieren de elektriciteit die zij aan elektrische voertuigen leveren laten inboeken door een inboekdienstverlener. Er zijn er in korte tijd tientallen bijgekomen. Dat maakt kiezen lastiger, en het maakt het verleidelijk om er zelf een te beginnen.
Dit artikel geeft een nuchter beeld van beide kanten: waar u op let als u een inboekdienstverlener kiest, wat het kost, welke eisen de NEa stelt, en wat er werkelijk bij komt kijken als u zelf inboekdienstverlener wilt worden.
Wat een inboekdienstverlener doet
Een inboekdienstverlener boekt voor anderen geleverde elektriciteit in bij het Register Energie voor Vervoer (REV) van de Nederlandse Emissieautoriteit (NEa). Voor die inboeking ontvangt de dienstverlener de emissiereductie-eenheden (ERE’s) op zijn eigen rekening. Hij verkoopt ze, meestal aan brandstofleveranciers met een jaarverplichting, en betaalt zijn klanten volgens het contract.
Twee gevolgen die vaak worden onderschat:
- De ERE’s staan niet op uw naam. Wat u ontvangt, hangt af van de afspraken met uw dienstverlener: verkoopbeleid, commissie en uitbetalingsmoment.
- De NEa spreekt de dienstverlener aan, niet u. De NEa communiceert niet met de klanten van een inboekdienstverlener. Handhaving richt zich op de rekeninghouder. Als klant moet u wel meewerken aan controles, ook aan een locatiebezoek.
Een inboekdienstverlener kiezen
Een lage commissie zegt weinig als het dossier bij de verificatie niet standhoudt. Deze vragen helpen bij de vergelijking:
- Heeft de partij een open rekening in het REV? De NEa publiceert sinds oktober 2026 een overzicht van rekeninghouders. Een vermelding is geen kwaliteitsoordeel, maar zonder rekening kan er niet worden ingeboekt.
- Wie is de verificateur en zit de verificatie in de prijs? Jaarlijkse verificatie door een geaccrediteerde verificateur is verplicht. Vraag of die al is gecontracteerd en wie de kosten draagt.
- Hoe is de machtiging ingericht? Elke onderneming, ook elke dochteronderneming, machtigt apart. Een machtiging geldt voor volledige kalenderjaren en mag niet stilzwijgend worden verlengd. Vraag hoe de dienstverlener nieuwe aansluitingen en de jaarlijkse vernieuwing regelt.
- Kan de partij uw situatie aantonen? De aansluiting moet in het Centraal Aansluitingenregister (CAR) op naam van uw onderneming staan. Eigenaar zijn van een secundair allocatiepunt is niet genoeg. Wordt de aansluiting niet alleen voor vervoer gebruikt, dan moet de meter MID-gecertificeerd zijn. Bij laadpleinen op een gedeelde aansluiting, bedrijventerreinen en VvE’s gaat het hier vaak mis.
- Hoe komen de laaddata binnen? Rechtstreeks uit het backoffice van uw CPO of de cloud van de laadpaal, of via exports die u zelf aanlevert? Dat bepaalt hoeveel werk het u kost en hoe controleerbaar de data zijn.
- Hoe worden ERE’s verkocht en uitbetaald? Vraag naar het verkoopbeleid, de prijsbasis en het uitbetalingsritme. Inboekingen tussen 1 januari en 1 mei worden pas na 1 mei bijgeschreven. Een dienstverlener die eerder uitbetaalt, financiert dat voor.
- Wat gebeurt er bij een correctie? De NEa kan tot vijf jaar na het kalenderjaar van inboeking corrigeren. Lees in het contract of al uitbetaalde bedragen kunnen worden teruggevorderd.
- Kunt u weg, en wat neemt u mee? U kunt per kalenderjaar maar één inboekdienstverlener aanstellen, dus wisselen gebeurt per 1 januari. Vraag of u uw gegevens en het bewijsdossier meekrijgt.
Levert u aantoonbaar 100 procent hernieuwbare elektriciteit, bijvoorbeeld uit eigen zonnepanelen? Vraag dan of de dienstverlener de gelijktijdigheid van opwek en levering per uur kan aantonen. Zonder die onderbouwing wordt tegen het netgemiddelde ingeboekt.
Wat een inboekdienstverlener kost
De meeste dienstverleners rekenen een percentage van de ERE-opbrengst. Openbare vergelijkingen van aanbieders voor particulieren lieten in oktober 2026 grofweg 10 tot 28 procent zien, met rond de 20 procent als middenwaarde. Voor bedrijven is het vaker maatwerk, afhankelijk van volume, aantal locaties en de kwaliteit van de databronnen.
Vergelijk niet alleen het percentage:
- Waarover wordt de commissie berekend? Over de bruto verkoopprijs, of over een prijs waar al markt- of handelskosten af zijn?
- Welke kosten komen erbij? Verificatie, onboarding of kosten per locatie worden soms apart gerekend.
- Inclusief of exclusief btw? Voor bedrijven meestal exclusief, maar niet altijd duidelijk vermeld.
- Looptijd en tarief hangen vaak samen. Een lager percentage gaat geregeld samen met een langer contract.
Wat uiteindelijk telt, is de netto-opbrengst per kWh, en de zekerheid dat die opbrengst niet jaren later wordt gecorrigeerd.
De eisen die de NEa stelt
De NEa somt de voorwaarden voor inboekdienstverleners op. De belangrijkste:
| Eis | Wat het inhoudt |
|---|---|
| Inschrijving | In het Handelsregister van de KvK. |
| Drempelwaarde | Minimaal 2 miljoen kWh per jaar kunnen inboeken, of ten minste 200 machtigingen. Aan te tonen bij de aanvraag van de rekening. |
| Rekening in het REV | Voor het inboekjaar 2026 kan een rekening volgens het stappenplan van de NEa tot en met 15 december 2026 worden geopend. |
| Machtigingen | Schriftelijk, voor volledige kalenderjaren, niet stilzwijgend verlengd. Met onder meer gegevens van de aangeslotene, EAN, toestemming voor de NEa om CAR-gegevens op te vragen en toestemming voor de verificateur om de laadlocatie te controleren. |
| Metingen | Inboeken op basis van gemeten gegevens van een bemeterd leverpunt; MID-gecertificeerde meter als de aansluiting niet alleen voor vervoer wordt gebruikt. |
| Administratie | Aantonen voor wie is ingeboekt en dat de hoeveelheden kloppen: machtigingen, klanten met adres, EAN en leverancier, processen voor acceptatie, dataverzameling en interne controle, kWh-data, typenummers en MID-certificering, facturen. |
| Verificatie | Jaarlijks door een geaccrediteerde verificateur; het rapport moet vóór 1 mei binnen zijn. |
| Aansprakelijkheid | De dienstverlener is aansprakelijk voor fouten. De NEa kan ERE’s corrigeren of een boete opleggen. |
Daarbij komt een vast jaarritme. Inboeken over een kalenderjaar kan tot en met de laatste werkdag vóór 1 maart van het jaar erna (voor 2026: 26 februari 2027). Overboeken van ERE’s moet vóór 1 april. De verificatie moet vóór 1 mei zijn afgerond. Wie een van deze data mist, verliest ERE’s of komt in overtreding.
Voor particulieren gelden extra bewijseisen. Per klant moet de dienstverlener vijf zaken aantonen: de geleverde hoeveelheid, een laadpaal op die aansluiting, het eigenaarschap van de aansluiting over de hele periode, een MID-meter die daadwerkelijk in de laadpaal zit, en de machtiging. Wijzigt de naam, het adres of de EAN, dan is de machtiging van een particulier niet meer geldig.
Zelf inboekdienstverlener worden
De rol staat open voor iedere onderneming die aan de eisen voldoet. Wie overweegt er zelf een te worden, doet er goed aan eerst de rekensom en de werklast eerlijk te maken. Inboekdienstverlening is geen administratieve bijzaak. Het is een compliancebedrijf met een dun marge-per-kWh.
De rekensom
In 2026 levert één kWh netstroom ongeveer 0,333 ERE op. Stel een ERE-prijs van €0,40 en een commissie van 20 procent. Dit is een illustratie; ERE-prijzen bewegen met de markt.
| 200 particulieren × 2.500 kWh | 2 miljoen kWh | |
|---|---|---|
| Ingeboekte kWh | 500.000 | 2.000.000 |
| ERE’s (× 0,3327) | ± 166.000 | ± 665.000 |
| Bruto-opbrengst (× €0,40) | ± €66.500 | ± €266.000 |
| Uw marge bij 20 procent | ± €13.300 | ± €53.200 |
Van die marge betaalt u de verificatie, software en koppelingen, klantenservice, acquisitie, juridische documenten, de voorfinanciering van uitbetalingen en een buffer voor correcties. Op de drempelwaarde is dat krap. Daarbij moet u de drempel al kunnen aantonen voordat u een rekening krijgt.
Wat er structureel bij komt kijken
- Klanten aannemen met controle vooraf: eigenaarschap van de aansluiting in het CAR, aanwezigheid en type van de laadpaal, een MID-meter die echt in dat model en die variant zit, geen dubbele aanmelding bij een andere dienstverlener.
- Machtigingen beheren: per onderneming en per dochter, in volledige kalenderjaren, zonder stilzwijgende verlenging. Na afloop moet de klant opnieuw tekenen, en bij particulieren ook na elke wijziging van naam, adres of EAN.
- Data verzamelen en controleren: koppelingen met laadpaalclouds en CPO-backoffices, afwijkende sessies, verkeerde klokken, dubbele of ontbrekende metingen. Elke kWh moet herleidbaar zijn tot een bemeterd leverpunt.
- Een dossier dat een verificateur accepteert: procesbeschrijvingen, interne controle en bewijs per klant. Het oordeel ligt bij de verificateur, en specifieke situaties kunnen extra bewijs vragen.
- Toezicht doorstaan: NEa-controles, locatiebezoeken die u bij uw klanten moet faciliteren, en vijf jaar correctierisico met mogelijke boetes.
- ERE’s verkopen: ERE’s uit elektriciteit voor wegvervoer zijn alleen verhandelbaar binnen de sector land. U heeft kopers nodig, draagt prijsrisico en moet rekening houden met de jaarafsluiting en de spaarlimiet.
- Uitbetalen en voorfinancieren: klanten verwachten regelmatig geld, terwijl bijschrijving en verkoop hun eigen ritme hebben.
- Overige wetgeving: de AVG (u verwerkt naam, adres, EAN en verbruik), consumentenrecht bij particulieren, en uw algemene voorwaarden.
- Bijblijven: de NEa benadrukt dat een inboekdienstverlener de regelgeving goed moet kennen en blijven volgen. De systematiek is nieuw en wordt nog aangescherpt.
Drie routes
| Zelf bouwen | White-label op bestaande infrastructuur | Klanten doorverwijzen | |
|---|---|---|---|
| Uw merk en klantrelatie | Ja | Ja | Nee, of beperkt |
| Software, koppelingen, dossier | Zelf ontwikkelen en onderhouden | Staat er al | Niet nodig |
| Eigen REV-rekening en drempel | Ja | Naar keuze: eigen rekening, of via een bestaande rekeninghouder | Nee |
| Verantwoordelijkheid tegenover de NEa | Volledig bij u | Bij de rekeninghouder | Bij de dienstverlener |
| Geschikt als | U grote volumes heeft, een eigen compliancefunctie en ontwikkelcapaciteit | U een merk of klantenbestand heeft en ERE wilt aanbieden zonder de keten zelf te bouwen | ERE geen onderdeel van uw propositie hoeft te zijn |
Eén ding verandert in geen van de routes: wie de rekening houdt, staat tegenover de NEa voor elke inboeking. Goede infrastructuur maakt dat beheersbaar, maar neemt de verantwoordelijkheid niet weg.
Bronnen en vervolgstappen
Dit artikel is gebaseerd op de NEa-pagina Inboekdienstverleners en het Stappenplan inboekdienstverlener (raadpleegdatum oktober 2026). Het rekenvoorbeeld gebruikt het netpercentage van 50,5 procent voor 2026 en een aangenomen ERE-prijs. Controleer bij besluitvorming altijd de actuele tekst bij de NEa.
Verder lezen: Zelf ERE’s inboeken of uitbesteden?, Hoeveel ERE’s levert elektrisch laden op? en Inboekverificatie voorbereiden. Twijfelt u of een laadpaalmodel een MID-meter heeft? Kijk in het laadpaalregister.
Heeft u laadpunten op meerdere locaties? Zie voor bedrijven. Wilt u ERE-dienstverlening aanbieden onder uw eigen merk? Zie white-label of voor inboekdienstverleners.